Soeur Sourire

 

 

De roman Soeur Sourire, die als ondertitel 'Zie me graag' meekreeg, is in vele opzichten een bijzondere roman. Hij onderscheidt zich van de strikte autobiografie doordat de auteur verder gaat dan het zuiver weergeven van de feiten, zich sterk inleeft in het hoofdpersonage en het verhaal vertelt vanuit het standpunt van Soeur Sourire, een vrouw die haar hele leven op zoek blijft naar menselijke warmte, liefde en erkenning.

Het kader waarbinnen de roman zich afspeelt is de laatste avond van Soeur Sourire's leven. Op die avond treffen Jeannine Deckers, alias Souer Sourire, en Annie Pécher in hun appartmeent de laatste voorbereidselen voor ze op reis vertrekken. Bij wat Jeannine vindt tijdens het opruimen, komen de herinneringen weer tot leven. In die ene avond beleeft ze het allemaal opnieuw, een avond die zich ontspint als een sereen afscheidsritueel want de reis die ze zullen ondernemen is wel een heel speciale reis blijkt verder.

Met een vlijmscherp mes legt de auteur de complexe binnenwereld en drijfveren van het hoofdpersonage bloot. In een krachtige, beeldrijke en sobere stijl, ontdaan van elke franje, dringt ze door tot op het bot en kan ze niet anders dan de lezer raken.

Bij de lectuur zoekt de lezer zich een weg doorheen de vele lagen van de psychologie van het hoofdpersonage. Stilaan ontsluiert zich ook de sterke symboliek van die laatste avond waarin de symboliek van het laatste avondmaal terug te vinden is: de badscène verwijst naar de rituele reiniging, de schuldbekentenis van Soeur Sourire aan Annie staat symbool voor de schuldbelijdenis. Er is de dienst van het woord met het voorlezen van de brieven aan elkaar en ten slotte de communie met het nemen van de pillen met de drank.

De roman, aangevuld met enkele interessante bijlagen, is een boeiende en eigenzinnige roman die de lezer niet enkel informeert over de feiten maar hem ook laat binnenkijken in de complexe ziel van Soeur Sourire.

 

 

'Robin Hood met bourgeoistrekjes.

Nieuw boek graaft naar de kern van Soeur Sourire.' (De standaard, 25/3/2005)